Sjakie Kippengaas, S. St. en John Mclovin

U kent ze waarschijnlijk niet en aan mijn vaste lezers wil ik vertellen: 'Dat kan kloppen'. Het drietal werd ook door mijn pseudoniem voor het eerst gesignaleerd in de IKEA te Groningen op een zaterdagavond in de nazomer van twee duizend acht. Zij beleefden een autobiografisch fictief avontuur.

Met zijn 3’n bezochten zij de Zweedse groothandel in o.a. kleine dingen. Conversaties over en weer vlogen door de hal:
‘Waar blijft die kast afdeling?’
‘Ja, jij bent hier bekend S. Hoe gaat dat eigenlijk met je zoektocht naar een huis?’
‘Gestaag, maar geen woord wil ik daar over kwijt in je column. Kijk om je heen Mc! Entertain ons!’
Mc gaf thuis aan dit verzoek en begon te bazelen:
‘Werkelijk niets lijkt op wat ik zie. Allemaal is het gevormd door wat ik niet vermag. Het lijkt op gevallen engels. Omhoog door een trap. Omlaag door de afgrond. Gebroken door de aardappel. Niets lijkt. Alles behalve wat ik zie. Leeg gevuld met niets. Als twee druppels naast mij. Ze hangen om te verdwijnen. Alles komt me toch zo bekend voor. Waar ik kijk. Bekend. Staren. Altijd maar staren. Bewonderde ik mijn staren maar. Geleden onder het juk van alledag. Geleden onder wat ik niet vermag. ‘Lijden onder’ gaat boven alles.’
‘Wat een geleuter komt er uit je Mc. Ik snap er niks van’, zei S.
Sjakie kreeg de smaak ook te pakken en ving ook met geleuter aan:
‘Onze relatie met de ander. Het enige dat telt, liefde. Status, geschiedenis en theorieën. Zij deren niet in de relatie met de ander. Belangen? De mens bezit ze. Maar met welk doel? Het enige dat telt is de liefde! Laat dat duidelijk zijn’
‘Diep!’
‘Toch mis ik iets hier?’ sprak Mc.
‘Zoals wat?’
‘DE KASTEN’, wou Mc schreeuwen. Doch hield hij zich in en sprak de woorden uit op aangename toon: ‘De kasten’. Alsof een engel in je oor fluisterde.
‘Wat ik hier mis, is een ideeënbus! Als ik deze toko zou runnen, zou ik graag zien dat er short cuts waren.’

Zodra het drietal hun kast namelijk had gevonden, leek het nog uren te duren alvorens zij de uitgang bereikt hadden. Dat moest toch beter kunnen. Al die andere onzin bij de Ikea hoefden ze niet te zien.

‘Zo’n short cut zou dan een grote groene rioolbuis kunnen zijn, die in de grond verdwijnt. Deze buis zou je (met een attent actiegeluidje) via een grot met gratis munten in no time leiden naar de uitgang. Geen gedonder met onnodig struinen en free coins!’ De lezer die nooit een nintendo bespeeld heeft, zal allicht hier de draad kwijt raken. S. St. opperde een meer realistische benadering.
‘Brandweerpalen zou ik hier willen zien. Om de vijftig meter. Heb je het product gevonden welke je geacht wordt te bezitten, hoppakee, de brandweermanpaal af tot in het magazijn/uitgang.’
‘Nou wat ik je brom’, sprak Sjakie. ‘Loop ik hier tegen een ideeënbus aan!’
‘Hah, gratis potloden’, riep Mc verrukt.

Het drietal vulde vriendelijk de formulieren in en zo geschiedde het. Na enige tijd afwachten, gebeurde het. Gister las ik in het Dagblad van het Noorden dat de Ikea in Groningen enkele dagen gesloten zal zijn.
‘Wegens het doorvoeren van klantgerichte innovaties’.

Nou alleen nog een ballenbak voor volwassenen en de Ikea wordt de place to be!

Alfons Pot
10-10-2008